De eetcultuur van Sardinië: van herder tot tafel

Op Sardinië begint een goed gesprek over eten vaak niet bij een gerecht, maar bij een herder. Eeuwenlang trokken Sardijnse schaapherders wekenlang het binnenland in, ver van dorpen en bakkerijen. Ze hadden brood nodig dat weken vers bleef, en zo ontstond pane carasau: platte, knapperige broodvellen die ook wel "carta da musica" worden genoemd, naar het geluid dat ze maken zodra je erop drukt.

Dat verhaal vat meteen samen waar de eetcultuur van Sardinië om draait: praktisch, ontstaan vanuit het landschap, en behoorlijk anders dan de manier waarop op het Italiaanse vasteland wordt gekookt. Waar veel mensen bij "Italiaans eten" al snel aan tomatensaus en pizza denken, draait de keuken van Sardinië om schapenkaas, wilde kruiden, handgevormde pasta en een tafelcultuur waarin de lunch nog altijd het middelpunt van de dag is.

Een eiland met een eigen keuken

Sardinië ligt geografisch dichter bij Tunis dan bij Rome, en dat is terug te proeven. Waar de Italiaanse kustkeukens van Napels tot Genua van oudsher leunen op vis en handel over zee, ontwikkelde Sardinië zich eeuwenlang vooral vanuit het binnenland: droge heuvels, uitgestrekte weiden en een economie die draaide om schapen en geiten. Vlees, kaas en brood zijn daardoor minstens zo bepalend voor de keuken als vis.

Ook de geschiedenis liet sporen na op het bord. Het eiland stond lange tijd onder Spaanse invloed, iets wat nog voelbaar is in de stad Alghero, waar nog altijd een Catalaans dialect wordt gesproken en gerechten als aragosta alla catalana (kreeft met tomaat en ui) op de kaart staan. Tel daarbij op dat afzonderlijke dorpen door de bergen lang op zichzelf waren aangewezen, en het wordt duidelijk waarom Sardinië niet één keuken heeft, maar een verzameling van sterk lokale tradities.

De ingrediënten die de Sardijnse tafel bepalen

Wie zich verdiept in de Sardijnse keuken, valt vooral op hoe weinig ingrediënten er eigenlijk nodig zijn om een herkenbaar gerecht neer te zetten. Een paar producten komen steeds terug.

Pecorino Sardo

Schapenkaas vormt de ruggengraat van de keuken. Pecorino Sardo heeft een DOP-status, wordt gemaakt van schapenmelk en varieert van jong en zacht tot oud en kruimelig. De kaas gaat door pastasauzen, wordt over bijna elk gerecht geraspt en vormt de basis van een van de bekendste desserts van het eiland — meer daarover verderop bij seadas.

Pane carasau

Dit dunne, knapperige brood is niet alleen praktisch, het is ook de basis van pane frattau: lagen brood, gestoofde tomatensaus, pecorino en een gepocheerd ei. Een gerecht dat is ontstaan omdat herders met droog brood, wat tomaat en een ei toch een volwaardige maaltijd konden maken, ver van huis.

Saffraan

Rond het stadje San Gavino Monreale wordt saffraan verbouwd die tot de duurste ter wereld behoort. Het kruid geeft veel Sardijnse pastagerechten hun gele kleur en lichte bitterheid, malloreddus voorop.

Mirto

De wilde mirtestruik groeit overal in de Sardijnse maquis, de kruidige struiklandschappen langs de kust en in de heuvels. Van de bessen wordt een donkere, kruidige likeur gemaakt die na de maaltijd wordt gedronken, vaak ijskoud geschonken.

Pasta op z'n Sardijns

Vraag iemand van het Italiaanse vasteland naar pasta en je krijgt waarschijnlijk spaghetti of lasagne als antwoord. Op Sardinië ligt dat anders: het eiland heeft een eigen pastatraditie die weinig te maken heeft met de gerechten die in Nederland doorgaans als "Italiaans" worden bestempeld.

Malloreddus

Kleine, geribbelde pastarolletjes van harde tarwegriesmeel, vaak op smaak gebracht met saffraan. De naam komt van het Sardijnse woord "malloru", jong rund, een verwijzing naar de vorm. Het klassieke gerecht is malloreddus alla campidanese: pasta met een tomatensaus op basis van worst (salsiccia), op smaak gebracht met venkelzaad en afgemaakt met flink wat pecorino.

Culurgiones

Handgevormde pastazakjes, gevuld met aardappelpuree, pecorino en munt — een combinatie die je buiten Sardinië zelden tegenkomt. Het dichtvouwen gebeurt met een specifieke vlechttechniek die een aar van tarwe moet nabootsen. Traditioneel gold een goed gevlochten culurgione als bewijs dat een vrouw klaar was voor het huwelijk: wie de vouw niet onder de knie had, moest nog oefenen.

Fregola

Kleine, geroosterde pastaparels, enigszins te vergelijken met couscous maar met een nootachtige smaak door het roosteren. Fregola wordt vaak risotto-gewijs bereid, met saffraan of met schelpdieren zoals arselle, kleine strandschelpjes.

Lasagne, zo bekend in de rest van Italië en ver daarbuiten, hoort niet bij de traditionele Sardijnse pastacultuur. Wat het eiland wél heeft, is een eigen oventraditie: gebakken pastagerechten met aubergine, tomaat en pecorino, opgebouwd volgens dezelfde logica als lasagne, maar met andere ingrediënten en verhoudingen.

Lunchcultuur: waarom de maaltijd nooit haast heeft

Op Sardinië is de lunch, il pranzo, van oudsher de belangrijkste maaltijd van de dag. Vooral op zondag schuift de familie rond het middaguur aan tafel, en staat die pas na de koffie weer leeg. Een traditionele lunch bestaat uit meerdere gangen: een antipasto met kaas en worst, een primo van pasta, een secondo van vlees of vis, een contorno van groenten en een dolce om af te sluiten.

Ook buiten de zondag draait het dorpsleven vaak om eten. In bijna elke gemeente is er wel een sagra, een lokaal feest gewijd aan één ingrediënt of gerecht: een sagra del pane in het ene dorp, een sagra dei culurgiones in het andere. Zulke feesten zijn minder toeristisch dan ze klinken — het zijn vooral momenten waarop dorpsgemeenschappen hun eigen keuken vieren, met eten dat zelden de weg naar een restaurantkaart vindt.

Feestelijke en verrassende gerechten

Porceddu

Spitgebraden speenvarken, vaak geroosterd op een bed van mirtebladeren, is het gerecht voor grote gelegenheden: bruiloften, doopfeesten, verjaardagen. De huid moet knapperig zijn, het vlees mals.

Seadas

Een gefrituurd deegkussentje gevuld met verse, licht zure pecorino, geserveerd met honing. De combinatie van zoet en zout gaat in tegen wat de meeste Nederlanders van een Italiaans dessert verwachten — en is precies daarom de moeite waard om te proberen.

Bottarga

Ondanks de pastorale geschiedenis van het eiland heeft ook de kust zijn eigen specialiteiten. Bottarga, gedroogde en geperste vissenkuit (meestal van harder), wordt fijngeraspt over pasta of dungesneden geserveerd als antipasto.

Van het eiland naar de Nederlandse tafel

Wie deze gerechten in Nederland wil leren kennen, komt ze zelden tegen op een gemiddelde kaart: Italiaanse restaurants hier richten zich doorgaans op de bekendere gerechten van het vasteland. Bij Ciao Beni staan juist gerechten als malloreddus alla campidanese en culurgiones op het menu, bereid volgens de recepten die eigenaresse Beni van huis uit meekreeg uit Sardinië.

Veelgestelde vragen over de Sardijnse keuken

Wat is typisch Sardijns eten?

Malloreddus, culurgiones, fregola, pane carasau, pecorino sardo en porceddu gelden als de bekendste gerechten en ingrediënten van het eiland.

Wat is het verschil tussen de Sardijnse en de Italiaanse keuken?

De Sardijnse keuken leunt sterker op schapenzuivel, brood en vlees dan op tomaat en vis, en heeft een eigen pastatraditie die los staat van gerechten als lasagne of spaghetti carbonara, die eerder met het vasteland worden geassocieerd.

Wat is pane carasau?

Een dun, knapperig plat brood dat oorspronkelijk werd gebakken voor herders die weken van huis waren. Het is maandenlang houdbaar en vormt de basis van gerechten als pane frattau.

Hoort lasagne bij de Sardijnse keuken?

Niet oorspronkelijk. Lasagne wordt vooral geassocieerd met Emilia-Romagna. Sardinië heeft wel een eigen traditie van gebakken pastagerechten, maar met andere ingrediënten en zonder de klassieke bechamel-laag.

Wat drinkt men bij een Sardijnse maaltijd?

Naast lokale wijnen zoals Cannonau en Vermentino hoort mirto, een likeur van wilde mirtebessen, vaak bij het einde van de maaltijd.

Terug naar blog